Liquiditeit is je vermogen om rekeningen te betalen wanneer ze vervallen. Het hangt af van daadwerkelijk beschikbaar geld, niet van winst op papier. Een bedrijf kan winstgevend zijn en toch failliet gaan als geld later binnenkomt dan het naar buiten gaat. Je meet liquiditeit door het geld op je rekeningen te vergelijken met je aankomende betalingen.
Het gat tussen winst en cash ontstaat door timing. Je koopt goederen in maart, verkoopt ze in april, en de klant betaalt in juni. Je aprilwinst ziet er gezond uit terwijl je bankrekening in juni leeg is.
Een voorbeeld. Je wint een order van 40.000 euro met 25.000 euro winst erin. Je betaalt je leverancier 15.000 euro bij levering in week 2. De klant betaalt 60 dagen na facturering, wat neerkomt op week 12. Tien weken lang zit je 15.000 euro tekort, plus huur en salarissen van 6.000 euro per maand. Een winstgevende order heeft een gat van 30.000 euro gecreëerd.
Volg liquiditeit met een eenvoudig weekplan: beginsaldo, verwachte inkomende betalingen, verwachte uitgaande betalingen, eindsaldo. Dertien weken vooruit is een gangbare horizon. Als een week een negatief eindsaldo toont, heb je nu een probleem op te lossen, niet later.
De meest voorkomende fout van oprichters is plannen met de factuurdatum in plaats van de betaaldatum. Klanten betalen laat. Ga uit van 30 tot 60 dagen voor zakelijke klanten en lees de voorwaarden voordat je tekent.
De tweede fout is een grote binnenkomende betaling uitgeven alsof het winst is. Een deel ervan hoort bij btw, een deel bij leveranciers, een deel bij belastingen die je maanden later verschuldigd bent. Zet die delen op een aparte rekening en behandel ze als geld dat al weg is.
