Return on investment (ROI) meet hoeveel winst een investering oplevert vergeleken met wat ze kostte. Je berekent het door de nettowinst te delen door het geïnvesteerde bedrag en dat te vermenigvuldigen met 100 om een percentage te krijgen. Een positieve ROI betekent dat de investering meer opleverde dan je erin stak.
Je gebruikt ROI op twee plekken. Ten eerste bij het vergelijken van opties: een machine van 5.000 euro en een advertentiecampagne van 5.000 euro strijden om hetzelfde geld. Ten tweede wanneer een geldschieter of investeerder vraagt wat hun geld oplevert. Een gegenereerd businessplan noemt de verwachte ROI in het financiële hoofdstuk om precies die reden.
Een voorbeeld. Je besteedt 4.000 euro aan een website. Over twaalf maanden levert die 80 extra bestellingen op met een gemiddelde winst van 95 euro per stuk, dus 7.600 euro winst. De nettowinst is 7.600 euro min 4.000 euro, dat is 3.600 euro. ROI is 3.600 euro gedeeld door 4.000 euro, dus 90 procent over een jaar.
Drie fouten komen vaak voor. Ten eerste gebruiken oprichters omzet in plaats van winst. Als die 80 bestellingen 7.600 euro omzet opleverden en de goederen 5.000 euro kostten, is de werkelijke winst negatief. Ten tweede slaan ze de tijdsperiode over. 90 procent in een jaar en 90 procent in vijf jaar zijn heel verschillende resultaten, dus noem altijd de periode. Ten derde vergeten ze hun eigen arbeid. Als je zelf 60 uur aan die website besteedde, hebben die uren een waarde, ook als er geen geld van je rekening ging.
ROI werkt goed voor een enkele, afzonderlijke beslissing. Het werkt slecht voor uitgaven die je niet kunt isoleren, zoals merkbekendheid of je eigen opleiding.
